NVK voor leden

Verkrijg hier toegang tot exclusieve NVK ledencontent.

FAQ COVID-19

Sinds het begin van de coronacrisis leven er ook onder kinderartsen vragen rondom COVID-19. Alle vragen die ons bereikten, hebben we voorgelegd aan het NVK-COVID-19-team. U vindt de vragen en antwoorden hieronder terug. Via de optie 'Filter op categorie' kunt u eerst een selectie maken tussen de volgende categorieën:

  • Behandeling
  • Isolatie & Quarantaine
  • Onderzoek & Testen
  • Overig
Isolatie & Quarantaine Op sommige nicu’s is het door beperkte ruimte onmogelijk om anderhalve meter afstand te houden. Hoe gaan we hiermee om?

Hier hebben wij als NVK geen protocol voor. Dit is aan de ziekenhuizen zelf en wordt per ziekenhuis anders geregeld. De norm is en blijft om zo veel mogelijk de anderhalvemeternorm te handhaven. Deze situatie is bovendien per afdeling anders.

(datum: 13-05-2020)

Behandeling

Bij kinderen jonger dan 12 jaar hoeft geen 1,5 meter afstand in acht te worden genomen en hoeven er geen beschermingsmiddelen te worden gebruikt, ook niet bij ‘risicovolle handelingen’. Dit geldt ook bij jonge kinderen, bij wie onderzoek niet mogelijk is zonder de nabijheid van een ouder: er zijn geen beschermingsmiddelen nodig. Uiteraard zal iedereen zijn best doen de duur van de nabijheid van een ouder zo veel mogelijk te beperken. Het kan behulpzaam zijn ouders hier van tevoren op te wijzen.

(datum: 06-05-2020)

Behandeling

Non-rebreathing maskers worden normaal gebruikt voor een hogere FiO2 (idealiter tot 100% O2 als je de flow hoger hebt staan dan de patient nodig heeft en je een goede aansluiting van masker op het gezicht hebt (wat vaak te wensen overlaat omdat het disposables zijn)) en zal de effectieve hoeveelheid O2 die de patient inademt 60-80% zijn, afhankelijk van het maskerlek. Ze hebben eenrichtingskleppen, zodat alle lucht die je inademt (als er geen lek zou zijn) uit de muuraansluiting komt. Uitademing gaat via 2 eenrichtingskleppen naar buiten. 

De venturimaskers werken anders; bij de aanvoer van de zuurstofstroom op het masker zit een venturiklep (vaak een verwisselbaar gekleurd plastic rond buisje met gaatjes die verschillend in grootte zijn). Er bestaan echter ook versies die geen verwisselbare venturiklep hebben maar een vaste klep. Het idee is dat je bij grotere gaatjes meer buitenlucht gaat aanzuigen dan bij kleinere gaatjes (dan krijg je vrijwel de lucht van je muur). Venturi masker worden iha gebruikt als je een lagere FiO2 wilt hebben (bijv van 0.30-0.60 (dus van 30% tot 60%)). En het aardige van dit systeem is dat als je patient een diepere of ondiepere teug maakt dat hij toch redelijk dezelfde zuurstoffractie binnen krijgt. Kies je een venturimasker van 15 l/min dan kun je hogere FIO2 krijgen (in de buurt van een rebreather masker). Zet je de flow lager (bijv 10 l/min) dan zal de patient als snel zelf 5  l/min via de venturi klep kamerlucht moeten meetrekken (met een FiO2 van 0,21, dus dan wordt zijn effectieve FiO2 (5*0.21+10*1.0)/15=0.74) in een lekvrije situatie.

In beide gevallen wordt droge lucht aangeboden uit de muur en bij een non rebreathing masker wordt geen kamerlucht meegezogen (tenzij het masker niet lekdicht op het gezicht zit). Dus eventuele aerosolen die zweven in de ruimte worden niet ingeademd. Bij een venturi masker zuig je wel lucht uit de ruimte mee aan. 

De aerosolen die de Covid-patiënt zelf genereert verlaten in beide gevallen het masker met de totale flow waar het masker op ingesteld staat en waarmee je ademt. Bij een non rebreathing masker vaak via eenrichtingkleppen (die de allergrootste deeltjes iets  zullen tegenhouden (interiele impactie)). BIj het venurimasker vaak via sleuven in het masker. 

Met andere woorden: zet je beide maskers op 15 l/min(en je ademt als patient niet harder) dan zullen alle aerosolen die de patient uitademt met deze flow het masker verlaten en maakt het zeer weinig uit of het een venturi of een non-rebreather is. 

PS: met een flow boven de 8-12 l/min die je door een vernevalaar leidt zul je actief aerosolen gaan genereren van de vloeistof die in de vernevelaar zit. Dit is heel iets anders.

(datum: 25-10-2020)

Behandeling

Ten aanzien van de eerste 48 uur is het standpunt op dit moment dat het veilig kan, omdat de neonaat van de COVID-positieve moeder nog niet besmettelijk is. Voor daarna zijn er 2 punten: 1) De veiligheid van medewerkers en andere patiënten. Dit is een lastige kwestie. In een box en met de juiste hygiënische maatregelen van medewerkers moet dit kunnen. Op een zaal is het standpunt op dit moment: nog niet. 2) De effectiviteit. De reden van noodzaak voor CPAP/HFNC is bij de neonaat bijna nooit (alleen) COVID. De effectiviteit wordt gelijk als bij andere neonaten beschouwd.

(datum: 30-03-2020)

Isolatie & Quarantaine
  • Op zaal geen COVID-19-verdachte of bevestigde ouders;
  • In een box kan in overleg met de afdeling infectiepreventie een COVID-19-bevestigde ouder met alle voorzorgmaatregelen (mondneusmasker [II-R], schort, handschoenen) bij hun “zieke” neonaat op bezoek komen.
  • Een gezonde neonaat mag inroomen bij een COVID-19-bevestigde moeder. Bij voorkeur zo snel mogelijk naar huis. Indien moeder en kind in dezelfde kamer verblijven wordt buiten de verzorging een afstand van minimaal 1,5 meter geadviseerd. Bij verzorgen en het geven van borstvoeding is goede handhygiëne en het dragen van een chirurgisch mondneusmasker een vereiste/belangrijk advies.

    (datum: 4-11-2020)
Onderzoek & Testen

Nee, zie hiervoor de leidraad ‘Pre-operatieve diagnostiek naar COVID-19 bij asymptomatische kinderen ingepland voor chirurgie onder algehele anesthesie’ op de website van de Federatie Medisch Specialisten.

(datum: 26-08-2020)

Onderzoek & Testen

Wij zien als enige indicatie PMIS (Pediatric multisystemic inflammatoiry syndrome).

(datum: 29-06-2020)

Behandeling

Er worden verschillende criteria gehanteerd van > 37.4 tot > 38.0 graden. Het koortscriterium van 37.4 graden is gebaseerd op het feit dat onder volwassen patiënten een deel geen koorts heeft bij presentatie in het ziekenhuis. Dit zal minder representatief zijn voor kinderen. Kinderen ontwikkelen gemakkelijker koorts en een afkappunt van 37.4 graden zorgt voor veel kinderen zonder luchtwegklachten die voldoen aan de casusdefinitie van verdenking COVID. RIVM hanteert > 38.0 graden, dat adviseren wij dus ook.

(datum: 20-03-2020)

Onderzoek & Testen

In sommige studies onder volwassenen wordt obesitas als risicofactor beschreven, maar in andere weer niet: nog enigszins onduidelijk dus. Met het opstarten van de landelijke registratie COVID-patiënten in de kindergeneeskunde krijgen we hier hopelijk meer zicht op.

(datum: 07-04-2020)

Isolatie & Quarantaine

Het klinisch beeld van COVID-19 bij kinderen is heel wisselend. Er worden met enige regelmaat kinderen positief getest die voor iets heel anders zijn opgenomen. In hoeverre zij dan infectieus zijn staat niet vast. Nu testen steeds ruimer beschikbaar komen, moeten we er niet te terughoudend mee zijn. Bij koorts sowieso. In dit soort gevallen raden wij dus ook volledige bescherming aan.

(datum: 13-05-2020)

Isolatie & Quarantaine

Ons advies is om de zorgen voor het extra risico op besmetting en het overdragen hiervan op het eigen kind met de eigen werkgever te bespreken. Wellicht zijn er mogelijkheden om taken te ruilen, waardoor de ouder niet direct zelf in de frontlinie zit. Overigens is gebleken dat de meeste zorgmedewerkers die besmettingen oplopen dat buiten het ziekenhuis doen.

(datum: 20-03-2020)

Onderzoek & Testen

Een epidemiologische studie uit China van 2143 kinderen met (verdenking op) COVID-19 beschrijft 731 bevestigde en 1412 verdachte casus. De gemiddelde leeftijd van de kinderen was 7 jaar. De infectie in deze groep werd als volgt onderverdeeld: asymptomatisch, mild, matig, ernstig of kritiek. Veruit de meerderheid, namelijk 90%, was asymptomatisch (en werd getest omdat er exposure was geweest of het kind uit een risicogebied kwam), of had milde of matige symptomen. 5,2% had ernstige symptomen, resulterend in zuurstofbehoefte, 0,6% was kritiek en werd op een IC opgenomen voor invasieve beademing. Eén jongen van 14 jaar overleed. Wij kennen niet de verhalen van heel snel achteruitgaan, zoals dat bij volwassenen wordt gezien.

(datum: 29-03-2020)

Behandeling

Nee, onderdrukkamers zijn niet noodzakelijk.

(datum: 26-08-2020)

Behandeling

Bij volwassenen is men terughoudend met prednisolon, omdat er casuïstiek is dat het juist een negatief effect kan hebben. Vandaar ook de discussie over prednisolon in de behandeling van astma en de uitspraken hieromtrent. Er is voor zover wij weten geen evidence of casuïstiek dat er wel een rol is.

(datum: 26-03-2020)

Om een aanvraag in te dienen gaat u als volgt te werk:

  • log in op: https://www.pe-online.org/login/?css=62
  • Ga naar ‘mijn dossier’ (linker kolom in startscherm)
  • Ga naar  ‘overzicht/toevoegen’
  • Ga naar ‘toevoegen activiteit’
  • Klik op ‘overige activiteiten’

Volg de stappen:

  • Voer datum in en klik op ‘volgende’ (aanvragen over activiteiten > 2 jaar geleden worden niet behandeld)
  • Voer categorie in en klik op ‘volgende’. (Een juiste keuze van de categorie is zeer belangrijk omdat uw aanvraag niet behandeld kan worden als de categorie onjuist is)
  • Vul alle verplichten velden in
  • Upload bewijs van deelname en, afhankelijk van categorie, programma.
  • Kies ‘bijlage’, kies ‘bladeren’, kies ‘uploaden’, kies ‘terug naar formulier’
  • Kies ‘volgende’
  • Kies ‘gereed’
  • Kies ‘sluiten’
  • Vervolgens ontvangt u enkele minuten later een bevestigingsmail dat uw aanvraag is ingediend. 

Van nascholing die na 1-1-2007 heeft plaatsgevonden kunnen de punten zijn bijgeschreven in het Persoonlijk Dossier in GAIA.

  • Van nascholing vóór 1-1-2007 bewaart u de certificaten.
  • 2007 is een overgangsjaar: deels staan uw punten in GAIA, deels kreeg u certificaten.
  • Van nascholing vanaf 1-1-2008 dient u uw Persoonlijk Dossier volledig in GAIA te hebben.

Wij doen ons best om de aanvragen binnen de gestelde termijn te behandelen, maar dit is vanwege de overweldigende hoeveelheid individuele accreditatie aanvragen een grote uitdaging.
U kunt het beste eerst nakijken of uw aanvraag compleet is (met bewijs van deelname en programma) en of u in GAIA een bericht hebt ontvangen over de aanvraag. Wanneer beide zaken in orde zijn dan is het waarschijnlijk vanwege drukte dat er nog geen bericht is gekomen op uw aanvraag. Mocht u vanwege herregistratie haast hebben bij de aanvraag, dan wordt u geadviseerd contact op te nemen met het NVK bureau (nascholing@nvk.nl).

Voor vragen die met de techniek omtrent uw GAIA dossier te maken hebben, kunt u het beste contact opnemen met de artseninfolijn (030-2823250/ artseninfolijn@fed.knmg.nl). Voor inhoudelijke vragen, kunt u contact opnemen met het NVK bureau (nascholing@nvk.nl of 030-282 3349.)

« 1 2 2/2 (48)